
Schrijven · 4 nov 2026
Benen met vertraging
Drie marathons door de bril van loopdynamiek
Mijn Apple Watch meet meer dan tempo en hartslag. Tijdens het lopen registreert hij ook loopdynamiek: hoe lang elke voet de grond raakt, hoe lang mijn pas is, hoeveel ik op en neer ga, en een schatting van mijn vermogen. Ik keek nooit naar die cijfers. Deze week heb ik een nieuwe centrale plek opgezet voor al mijn Health-data, en heb ik drie marathons naast elkaar kunnen leggen: Valencia 2024, Eindhoven 2025 en afgelopen zondag Den Haag. Een post voor de nerds onder ons.

Drie keer anders
Elke race eindigde anders. In Valencia liep ik rond 5:50 per kilometer, de race waarover ik schreef in Gegevens versus Gevoel. Mijn benen bleven fris: na kilometer 30 werd mijn grondcontacttijd korter, ging mijn cadans omhoog en liep ik de laatste twee kilometer in 5:31. De prijs betaalde mijn hart: in de zon klom het van 154 naar 168 slagen per minuut, bij hetzelfde tempo. Eindhoven, mijn persoonlijk record, was de modelrace: het vermogen zakte maar 3,5 procent en mijn voet kwam tot aan de finish steeds sneller van de grond. Den Haag was anders. Vanaf kilometer 25 liep mijn grondcontacttijd weer 13 milliseconden op, kromp mijn pas van 1,18 naar 1,12 meter en zakte mijn vermogen 8 procent, terwijl mijn cadans nauwelijks bewoog, rond 165 stappen per minuut. Mijn hoofd hield het ritme vast, mijn benen leverden bij elke stap minder. Precies wat ik rond kilometer 30 voelde: de conditie was er, maar de reactie voelde traag, met vertraging.



Naast elkaar: het begin, het midden en het eind van elke race (kilometer 5 tot 15, 20 tot 30 en 35 tot 40). Snelheid is paslengte maal cadans: in Valencia werd mijn pas ook korter, maar zette ik snellere stappen. In Den Haag niet.
| Valencia | Eindhoven | Den Haag | |
|---|---|---|---|
| Tempo (/km) | 5:53 → 5:58 → 5:59 | 5:08 → 5:09 → 5:16 | 5:08 → 5:08 → 5:32 |
| Hartslag (bpm) | 151 → 156 → 168 | 163 → 167 → 174 | 163 → 175 → 181 |
| Vermogen (W) | 255 → 251 → 247 | 301 → 300 → 291 | 308 → 306 → 282 |
| Grondcontact (ms) | 273 → 276 → 262 | 244 → 241 → 236 | 249 → 237 → 249 |
| Paslengte (m) | 1,03 → 1,00 → 0,98 | 1,18 → 1,18 → 1,15 | 1,21 → 1,19 → 1,12 |
| Cadans (stappen/min) | 165 → 166 → 169 | 168 → 167 → 167 | 165 → 167 → 164 |
| Verticale oscillatie (cm) | 9,8 → 10,2 → 10,1 | 10,0 → 10,1 → 10,3 | 10,6 → 10,6 → 10,7 |
Waarom
De duinen bij Kijkduin en Scheveningen verklaren een deel: tussen kilometer 29 en 40 gaat het parcours zo'n 60 meter op en neer. Maar kilometer 39 ging bergaf en was toch een van mijn langzaamste. Het grotere verschil zit in de weken ervoor. Voor Eindhoven liep ik duurlopen van 22 tot 30 kilometer en ging ik in 12 weken 11 keer naar de sportschool. Voor Den Haag bleef dat op 3. Hartslag vertelt hoe hard de motor werkt. Loopdynamiek vertelt of de benen nog kunnen leveren.
Conclusie
Drie marathons, drie grenzen: het hart in Valencia, niets in het bijzonder in Eindhoven, de benen in Den Haag. Volgend jaar wil ik onder de 3:30 lopen, en dat betekent de frisse benen van Valencia op meer dan het tempo van Eindhoven. Het plan schrijft zichzelf: duurlopen en krachttraining, zodat de benen tot voorbij kilometer 40 veerkrachtig blijven. En op lange trainingen heb ik er een nieuw getal bij om op te letten: mijn grondcontacttijd in het laatste uur.
